DetailPage-MSS-KB

Knowledge Base

Artikel ID: 320299 - Laatste beoordeling: donderdag 22 september 2005 - Wijziging: 2.0

Symptomen

Als u uw computer met Windows XP afsluit, start de computer opnieuw in plaats van af te sluiten. Ook is het mogelijk dat de computer onverwacht opnieuw opstart als u de computer gebruikt. Wanneer de computer opnieuw opstart, kan er een foutbericht in een blauw scherm worden weergegeven.

Oorzaak

Dit probleem treedt op als Windows tijdens een bepaalde handeling of bij het afsluiten van de computer niet meer reageert. Standaard wordt de computer automatisch opnieuw opgestart als Windows niet meer reageert. Als u deze instelling wilt weergeven, gaat u als volgt te werk:
  1. Klik op Start, klik met de rechtermuisknop op Deze computer, klik op Eigenschappen, open het tabblad Geavanceerd en klik op Instellingen onder Opstart- en herstelinstellingen.
  2. Kijk bij het selectievakje De computer automatisch opnieuw opstarten onder Systeemfouten. Als het selectievakje De computer automatisch opnieuw opstarten is ingeschakeld, wordt Windows automatisch opnieuw gestart als de computer onverwacht wordt uitgeschakeld.

Oplossing

Als de computer tijdens het gebruik voortdurend opnieuw opstart of als u de computer probeert af te sluiten nadat deze onverwacht is gestopt, schakelt u het selectievakje De computer automatisch opnieuw opstarten uit. Als u dit selectievakje uitschakelt, wordt een foutbericht weergegeven als de computer niet meer reageert. In dit foutbericht wordt de oorzaak van het probleem beschreven. Ook kunt u het systeemlogboek in Logboeken raadplegen voor de informatie over de stopfout die optreedt wanneer de computer opnieuw opstart. Klik op het volgende artikelnummer in de Microsoft Knowledge Base voor meer informatie:
308427  (http://support.microsoft.com/kb/308427/ ) Procedure: Gebeurtenislogboeken bekijken en beheren in het onderdeel Logboeken van Windows XP
Ga als volgt te werk om in te stellen hoe Windows reageert als de computer onverwacht stopt met reageren.

Opmerking: U moet zijn aangemeld als beheerder of als lid van de groep Administrators om deze procedure uit te voeren. Als uw computer is verbonden met een netwerk, kunnen bepaalde netwerkbeleidsinstellingen de uitvoering van deze procedure verhinderen.
  1. Meld u bij de hostcomputer aan als beheerder of eigenaar.
  2. Klik op Start en op Configuratiescherm.
  3. Klik onder Kies een categorie op Prestaties en onderhoud.
  4. Klik onder of kies een pictogram op Systeem.
  5. Open het tabblad Geavanceerd en klik op Instellingen onder Opstart- en herstelinstellingen.
  6. Schakel een of meer van de selectievakjes bij Systeemfout in:
    • Een gebeurtenis in het systeemlogboek vastleggen
    • Een waarschuwing naar de beheerder verzenden
    • De computer automatisch opnieuw opstarten

Status

Dit gedrag is inherent aan het ontwerp van het product.

Meer informatie

Standaard is het selectievakje De computer automatisch opnieuw opstarten ingeschakeld, zodat u de computer na het optreden van een stopfout kunt blijven gebruiken. Tijdens het opstartproces start Microsoft Services voordat u zich aanmeldt. Dus werkt de computer na het opnieuw opstarten. Als de computer stopt vanwege een stopfout, gaat alle functionaliteit, inclusief de functionaliteit voor externe toegang, verloren. Nadat de computer opnieuw is opgestart, kunt u de reden van de stopfout onderzoeken.

In het foutbericht wordt alleen informatie over de mogelijke oorzaken van de stopfout gegeven. Meestal wordt de fout in het systeemlogboek opgeslagen.

U kunt Windows zodanig configureren dat de volgende acties worden uitgevoerd bij het optreden van een ernstige fout (bijvoorbeeld een stopfout of een onherstelbare systeemfout):
  • Een gebeurtenis in het systeemlogboek vastleggen.
  • Beheerders waarschuwen.
  • De computer automatisch opnieuw opstarten.
  • Dump maken van systeemgeheugen naar een bestand dat gevorderde gebruikers kunnen gebruiken voor foutopsporing.
Het wisselbestand van het opstartvolume van de computer moet minimaal 2MB bedragen als u de computer zodanig wilt configureren dat een gebeurtenis in het systeemlogboek wordt opgeslagen of dat een waarschuwing naar de beheerder wordt gestuurd. Als u Windows zodanig configureert dat er een dumpbestand met de gegevens van het systeemgeheugen wordt gemaakt, kunt u het dumpbestand gebruiken om de oorzaak van de stopfout op te sporen.

Ga als volgt te werk om een dumpbestand te laten maken:
  1. Meld u bij de hostcomputer aan als beheerder of eigenaar.
  2. Klik op Start en op Configuratiescherm.
  3. Klik onder Kies een categorie op Prestaties en onderhoud.
  4. Klik onder of kies een pictogram op Systeem.
  5. Open het tabblad Geavanceerd en klik op Instellingen onder Opstart- en herstelinstellingen.
  6. Klik op een van de volgende items bij Foutopsporingsgegevens vastleggen:
    • Kleine geheugendump: Als u deze instelling kiest, wordt de kleinste hoeveelheid informatie vastgelegd die helpt het probleem vast te stellen. Voor deze instelling moet het wisselbestand in het opstartgeheugen van de computer minimaal 2 MB bedragen. Als u deze instelling selecteert, wordt telkens als de computer onverwacht stopt, een nieuw bestand gemaakt. Een historisch overzicht van deze bestanden wordt opgeslagen in de map die wordt vermeld in het vak Dumpbestand.
    • Kernelgeheugendump: Als u op deze instelling klikt, wordt alleen kernelgeheugen geregistreerd. Hiermee wordt het registratieproces van gegevens in een logbestand versneld als de computer onverwacht stopt. Afhankelijk van de hoeveelheid RAM in uw computer moet er op het opstartvolume 50 tot 800 MB beschikbaar zijn voor het wisselbestand. Het bestand wordt opgeslagen in de map die wordt vermeld in het vak Dumpbestand.
    • Volledige geheugendump: Als u deze instelling kiest, wordt de inhoud van het systeemgeheugen opgeslagen wanneer de computer onverwacht stopt. Als u deze instelling kiest, moet er op het opstartvolume een wisselbestand zijn dat groot genoeg is om het totale fysieke RAM-geheugen plus 1MB te bevatten. Het bestand wordt opgeslagen in de map die wordt vermeld in het vak Dumpbestand.
Er wordt altijd naar dezelfde bestandsnaam geschreven. Als u afzonderlijke dumpbestanden wilt opslaan, schakelt u het selectievakje Bestaand bestand overschrijven uit en wijzigt u de bestandsnaam na elke stopfout.

Schakel de selectievakjes Een gebeurtenis in het systeemlogboek vastleggen en Een waarschuwing naar de beheerder verzenden uit om geheugen te besparen. Het geheugen dat wordt bespaard is afhankelijk van uw computer. Meestal is voor deze foutregistratie 60 tot 70 kilobyte (kB) RAM nodig.

De informatie in dit artikel is van toepassing op:
  • Microsoft Windows XP Home Edition
  • Microsoft Windows XP Professional Edition
Trefwoorden: 
kbeventlog kbenv kbprb KB320299
Delen
Extra ondersteuningsopties
Microsoft Community Support-forums
Neem rechtstreeks contact met ons op
Een door Microsoft gecertificeerde partner zoeken
Microsoft Store